Van zeekadet ...
... tot reder
Naam: Gilbèrt de Bock
Leeftijd: 33
Zeekadetkorps: Commandant Zeekadetkorps Alkmaar
Lid sinds: 1987
Beroep: Koopvaardij reder
Als 11 jarig jochie had ik nog niet het plan om in de
scheepvaart te gaan werken. Wel vond ik het al van jongs af aan
geweldig om bezig zijn op en rond het water. Een klasgenootje zat al bij
het Zeekadetkorps Alkmaar, dus een keertje met hem mee geweest. Twee
weken later was ik lid. We hadden toen nog 'De Houtman' als korpsschip, een binnenvaartschip van 56 meter.
Enthousiasme is een kenmerk van het Zeekadetkorps Alkmaar.
Door het zeekadetkorps werd ik al snel enthousiast over een beroep in de
scheepvaart. Op 15 jarige leeftijd ging ik naar de zeevaartschool in
IJmuiden om de opleiding Marof te doen. Dat was toen een nieuwe
opleiding, een samenvoeging van de opleiding stuurman en machinist. Ik
wilde eigenlijk stuurman doen, dat kon toen nog, maar men zei dat ik
niet aan de bak zou komen als ik geen Marof had. Achteraf is dat onzin
gebleken. Toch heb ik er altijd profijt van gehad enige basis kennis van techniek te hebben.
Op de brug van de 'Saffier' van
rederij De Bock Maritiem.
Overigens was het nog wel een strijd met mijn ouders om naar de
zeevaartschool te gaan. Ik moest daarvoor namelijk mijn opleiding op de
HAVO afbreken. Mijn ouders dachten dat mijn idee om te gaan varen een
bevlieging zou zijn. Mijn moeder komt uit een binnenschipperfamilie. Zij heeft haar jeugd
doorgebracht op een schip. Later, als mijn grootvader aan de reis was,
zat ze in de kost bij het nonnenklooster. Maar buiten dat hadden mijn
ouders geen binding met de scheepvaart. Zij
zagen het dus allemaal niet zo zitten. Achteraf heb ik
een goede
carrière gehad en kunnen we dus concluderen dat ik gelijk heb gehad. Het
is best vermoeiend altijd maar weer gelijk te hebben.............
Als commandant van een Zeekadetkorps blijf je
ook bezig met het begeleiden van de kadetten.
De zeevaartschool heb ik uiteindelijk in vier jaar afgerond. In de
tussentijd heb ik elke zomervakantie gevaren als matroos op de
binnenvaart of kustvaart. Na de zeevaartschool ben ik eerst bij
Wijsmuller gaan varen, de toen nog bestaande glorieuze sleepvaartrederij
uit IJmuiden. Vervolgens mijn loopbaan voortgezet en opgeklommen van
leerling stuurman, 3e, 2e tot 1e stuurman. Dit bij verschillende bekende
Nederlandse rederijen zoals Anthony Veder, Spliethoff etc. Ik heb veel van de wereld gezien maar ben uiteindelijk teruggekeerd naar waar mijn hart lag: de kustvaart.
Gilbèrt de Bock als sloepcommandant bij
de jaarlijkse roeiwedstrijden in Alkmaar.
Ik heb nog enige tijd als 1e stuurman bij diverse kapiteineigenaren
gevaren. Op mijn 24e kreeg ik een aanbod om als kapitein op een
kruiplijncoaster te varen als vaste aflosser van de kapiteineigenaar.
Door het te kort aan personeel in de koopvaardij was het mogelijk zeer
snel bevorderd te worden. Daar heb ik geen nee tegen gezegd. Het was de
eerste jaren nog wel eens grappig: Autoriteiten in de haven negeren je
volledig en vragen op hoge toon aan het oudste bemanningslid waar de
kapitein is. Vervolgens worden ze
doorverwezen naar die jongen van 24
in de korte broek, die ze net straal voorbij liepen.
De 'Smaragd' van rederij De Bock Maritiem,
3200 ton, 90 m lang.
Maar goed. Na met diverse kapitein-eigenaren te hebben gevaren, leek mij
dat ook wel wat, een eigen schip. Ondernemen zat me dan wel weer in het
bloed. Mijn vader is ook onder-nemer, maar in een geheel andere sector.
Echter, ik had natuurlijk geen geld voor het startkapitaal. Na wat
bedelen om leningen bij mijn vader, een scheepsbouwfonds en een
bevrachtingkantoor, had ik wat starkapitaal bij elkaar gesprokkeld. Net genoeg om de bank ook mee te krijgen. Toen ik 25 was, zette ik mijn handtekening voor de bouw van een 3200 tons coaster. De naam werd 'Smaragd' en kwam een jaar later in de vaart.
In de tussentijd was ik uiteraard al die tijd nog bij het zeekadetkorps Alkmaar gebleven en inmiddels van aspirant zeekadet opgeklommen tot zeekadetofficier 3e klasse. We hadden inmiddels een ander korpsschip, de 'Bulgia'.
Het korpsschip 'Bulgia' van
het Zeekadetkorps Alkmaar.
Op een bepaald moment belde de commandant mij . Hij was al 15 jaar commandant en vond, ondanks dat hij nog wel bij het korps wou blijven, dat het tijd werd dat iemand anders het stokje overnam. En zo werd ik op mijn 30e commandant van het Zeekadetkoprs Alkmaar. Nu inmiddels alweer 3 jaar.

De 'Saffier' van rederij De Bock Maritiem,
6100 ton, 100 m lang.
Met de onderneming ging het goed. Na vijf jaar als kapitein en eigenaar op de 'Smaragd' gevaren te hebben, werd het 2e schip besteld. Dit was een 6100 tons coaster, welke in 2008 onder de naam 'Saffier' in de vaart gekomen is.
Tegenwoordig
ben ik nog steeds actief als commandant bij korps Alkmaar en vaar nog 3
tot 6 maanden per jaar als kapitein op een van mijn eigen schepen. De
rest van het jaar hou ik me bezig met het management van mijn twee
schepen vanuit mijn kantoor in Alkmaar.
In het leven van een commandant kom je
het Zeekadetkorps steeds weer tegen.
De leuke tijd die ik als kleine jongen bij het zeekadetkorps had, de activiteiten, het varen met de vletten en het korpsschip, de verhalen van kaderleden, die al gevaren hadden, dit alles heeft er toe geleid dat ik de juiste beroepskeuze gedaan heb.
16-2-2010
