RECENTE BERICHTEN
In 2010 reis naar UK (Engeland)
Aanmelden tot 5 april lees bericht>In 2010 eerste reis naar USA
Aanmelden tot 8 april lees bericht>Ook in 2010 reis naar Canada
Aanmelden tot 24 maart lees bericht>Nieuwe vlet voor ZKK Schiedam
Gebouwd bij Stream opleidingen lees verder>Stageplaatsen voor SWK of MAROF
Aanbod rederij De Bock Maritiem kijk verder>
Toekomst op het water, van zeekadet tot ..
Een nieuwe rubriek op deze site lees bericht>Onderofficierscursus module Instructie
Deelnemers zijn bekend lees bericht>Aan boord van de King of Scandinavia
Zeekadetkorps IJmuiden op stap lees bericht>Bezoek van buitenlandse zeekadetten
Verslag van het bezoek in 2009 kijk verder>Onderofficierscursus 2010
Modules instructie en leidinggeven lees bericht>10 jaar SUBS
Een felicitatie waard lees bericht>Sinterklaas kreeg hulp van zeekadetten
Beelden van drie korpsen lees bericht>Koninklijke onderscheiding in Maassluis
Verdiensten Aad van Bedaf erkend lees bericht>Erepenning voor zeekadetkorps Maassluis
Waardering van burgemeester lees bericht>60 jaar zeekadetkorps Maassluis
Feest voor oud-leden en leden lees bericht>Landelijke roeiwedstrijden 2009
ZKK Alkmaar wint Gedolde Riem lees bericht>10e keer zeilen om de Foppencup
Zeekadetkorps Arnhem wint cup lees bericht>Wat zit er op het uniform
De betekenis van de tekens
Het uniform van de zeekadet lijkt op dat van veel andere uniformen op en bij het water. Lijkt op, dus niet hetzelfde. Als je de uniformen naast elkaar ziet valt dat op.
Verschil
De zeekadet heeft op
de linkermouw het embleem van de zeekadetten staan
met de naam van het eigen korps. Zeekadetofficieren hebben dit niet.
Ook het embleem op de pet verschilt. Bij de zeekadet een koggeschip, bij de marineman een anker met kroon.
Op het hoofd
Op de matrozenmuts, de uniformpet en het hoedje is te zien dat je bij de zeekadetten hoort.


Van links naar rechts:
muts voor zeekadet en kwartiermeester met de tekst Zeekadetkorps
hoed voor vrouwelijke bootsman, schipper en opperschipper met koggeschip
pet voor mannelijke officier met koggeschip en lauwerkrans
Rangen
Ken je de Scheveningse uitdrukking: haring is wel vis, maar vis is nog geen haring? Als je die snapt ,dan de volgende ook wel. Dat iemand een rang heeft zie je aan de rangonderscheiding, maar een rangonderscheiding betekent nog niet dat iemand een rang heeft.
Moeilijk? Je begrijpt het als je weet dat wij van aspirant zeekadet tot en met zeekadet 1e klasse een stand noemen. Vanaf kwartiermeester tot en met zeekadetofficier 1e klas noemen wij een rang.
De rangonderscheidingen vind je op de mouwen van het matrozenhemd of de uniformjas. Ook zie je deze tekens op de schouders van werkpak, trui en overhemd.
Op deze website komt nog een pagina over de rangen en standen.
Brevettten
Bij veel zeekadetten zie je op de rechter mouw een of twee rode emblemen. Die emblemen beteken dat de kadet opleidingen bij het zeekadetkorps heeft gehaald en daarvoor een diploma heeft. Zo'n diploma noemen wij een brevet.


De sloepgast 2e klas weet genoeg om in een vlet mee te roeien of mee te zeilen. De sloepgast 1e klas kan de leiding hebben bij het roeien en zeilen in een vlet. Om de leiding te hebben in een grote WR-1 sloep (met twee masten) waarin wel 10 mensen kunnen, moet je meestersloepgast zijn.

De machinist 2e klas weet hoe een motor van een schip werkt en kan al zelfstandig bij het onderhoud en reparatie meehelpen. De machinist 1e klas kan al zelfstandig als machinist van het korpsschip werken.

De seiner 2e klas kan op verschillende manieren (zoals met de marifoon of met vlaggen) contact leggen met andere schepen. Ook kent hij al wat van de techniek. De seiner 1e klas kan zelfstandig de verbindingen met andere schepen onderhouden.

De hofmeester 2e klas weet hoe je in een keuken moet werken
en hoe het eten op tafel moet komen. Ook kan hij het winkeltje aan boord (de toko) runnen. De hofmeester 1e klas kan een maaltijd bedenken en die ook maken.

De scheepsbeveiliger kan alleen of samen met anderen optreden bij brand of als noodreparaties nodig zijn. Ook weet hij hoe je gewonden aan boord moet vervoeren. De ehbo-er kent de eerste beginselen van de hulp die een gewonde na een ongeluk direkt moet hebben.
Er zijn 11 brevetten. Toch zie je er nooit meer dan twee op het uniform. Je draagt alleen de emblemen van de hoogste brevetten of voor je taak belangrijkste brevetten.
Opperschippers en officieren hebben deze emblemen niet op hun uniform.
Op deze website komt nog een pagina over de opleidingen voor de brevetten.
Onderscheidingen
Links op het uniform zie je soms kleine verschillend gekleurde rechthoekjes. Dat zijn draaginsignes. Wij noemen ze batons. Zo'n baton krijg je als je iets heel bijzonders hebt gedaan of bij iets bijzonders bent geweest.
Kijk voor de onderscheidingen op het uniform verder op de pagina » Onderscheidingen.
En dan ook nog

Op het uniform van de officieren zie je nog twee gouden ankers
die onklaar zijn. Onklaar beteket dat er een touw om het anker zit.
Je kunt het dan niet gewoon gebruiken.
Dit embleem heeft geen bijzondere betekenis.

De voorschriften over de tekens op het uniform staan in de artikelen 12, 13, 16 en 17 van het » huishoudelijk reglement.
Op de foto zie je links een onderofficier
van het Zeekadetkorps en rechts een onderofficier van de Koninklijke Marine.
van het Zeekadetkorps en rechts een onderofficier van de Koninklijke Marine.
De zeekadet heeft opde linkermouw het embleem van de zeekadetten staan
met de naam van het eigen korps. Zeekadetofficieren hebben dit niet.
Ook het embleem op de pet verschilt. Bij de zeekadet een koggeschip, bij de marineman een anker met kroon.
Op het hoofd
Op de matrozenmuts, de uniformpet en het hoedje is te zien dat je bij de zeekadetten hoort.


muts voor zeekadet en kwartiermeester met de tekst Zeekadetkorps
hoed voor vrouwelijke bootsman, schipper en opperschipper met koggeschip
pet voor mannelijke officier met koggeschip en lauwerkrans
Rangen
Ken je de Scheveningse uitdrukking: haring is wel vis, maar vis is nog geen haring? Als je die snapt ,dan de volgende ook wel. Dat iemand een rang heeft zie je aan de rangonderscheiding, maar een rangonderscheiding betekent nog niet dat iemand een rang heeft.
Moeilijk? Je begrijpt het als je weet dat wij van aspirant zeekadet tot en met zeekadet 1e klasse een stand noemen. Vanaf kwartiermeester tot en met zeekadetofficier 1e klas noemen wij een rang.
De rangonderscheidingen vind je op de mouwen van het matrozenhemd of de uniformjas. Ook zie je deze tekens op de schouders van werkpak, trui en overhemd.
Op deze website komt nog een pagina over de rangen en standen.

Brevettten
Bij veel zeekadetten zie je op de rechter mouw een of twee rode emblemen. Die emblemen beteken dat de kadet opleidingen bij het zeekadetkorps heeft gehaald en daarvoor een diploma heeft. Zo'n diploma noemen wij een brevet.


De sloepgast 2e klas weet genoeg om in een vlet mee te roeien of mee te zeilen. De sloepgast 1e klas kan de leiding hebben bij het roeien en zeilen in een vlet. Om de leiding te hebben in een grote WR-1 sloep (met twee masten) waarin wel 10 mensen kunnen, moet je meestersloepgast zijn.
De machinist 2e klas weet hoe een motor van een schip werkt en kan al zelfstandig bij het onderhoud en reparatie meehelpen. De machinist 1e klas kan al zelfstandig als machinist van het korpsschip werken.
De seiner 2e klas kan op verschillende manieren (zoals met de marifoon of met vlaggen) contact leggen met andere schepen. Ook kent hij al wat van de techniek. De seiner 1e klas kan zelfstandig de verbindingen met andere schepen onderhouden.
De hofmeester 2e klas weet hoe je in een keuken moet werkenen hoe het eten op tafel moet komen. Ook kan hij het winkeltje aan boord (de toko) runnen. De hofmeester 1e klas kan een maaltijd bedenken en die ook maken.

De scheepsbeveiliger kan alleen of samen met anderen optreden bij brand of als noodreparaties nodig zijn. Ook weet hij hoe je gewonden aan boord moet vervoeren. De ehbo-er kent de eerste beginselen van de hulp die een gewonde na een ongeluk direkt moet hebben.Er zijn 11 brevetten. Toch zie je er nooit meer dan twee op het uniform. Je draagt alleen de emblemen van de hoogste brevetten of voor je taak belangrijkste brevetten.
Opperschippers en officieren hebben deze emblemen niet op hun uniform.
Op deze website komt nog een pagina over de opleidingen voor de brevetten.
Onderscheidingen
Links op het uniform zie je soms kleine verschillend gekleurde rechthoekjes. Dat zijn draaginsignes. Wij noemen ze batons. Zo'n baton krijg je als je iets heel bijzonders hebt gedaan of bij iets bijzonders bent geweest.Kijk voor de onderscheidingen op het uniform verder op de pagina » Onderscheidingen.
En dan ook nog
Op het uniform van de officieren zie je nog twee gouden ankers
die onklaar zijn. Onklaar beteket dat er een touw om het anker zit.
Je kunt het dan niet gewoon gebruiken.
Dit embleem heeft geen bijzondere betekenis.

Boven de rode brevetemblemen zie je soms een
blauw Canada-embleem. Dit embleem krijg je
wanneer je als Nederlandse zeekadet in Canada
bij het zomerkamp van de Canadese zeekadettten
bent geweest.
blauw Canada-embleem. Dit embleem krijg je
wanneer je als Nederlandse zeekadet in Canada
bij het zomerkamp van de Canadese zeekadettten
bent geweest.
De voorschriften over de tekens op het uniform staan in de artikelen 12, 13, 16 en 17 van het » huishoudelijk reglement.
